Berichten

Verslag Ronde van Haspengouw

Een uitdagende ronde werd verwacht, een zware ronde is het geworden. Niets is RWC Ahoy bespaard is gebleven. De Ronde van Haspengouw (België): 36 teams uit diverse landen, 180 renners, twee omlopen van ca. 100km, een pittig omnium en een ploegentijdrit. Drie dagen in de volle zon op jacht naar punten!

Dag 1: De hitte overwinnen

Na enkele weken voorbereiding begonnen Thijs, Bram, Nick, Lars en Wouter vrijdag met een omloop van ongeveer 100 kilometer. Gegeven dat Lars vorig jaar in de winnende kopgroep zat, waren de verwachtingen hoog, zelfs bij de organisatie. Omdat het met 180 man, een paar onmogelijke bochten en enkele wegversmallingen een hectische start beloofde te worden, stond RWC Ahoy al vroeg stijf vooraan de meet. Na het startschot was het meteen dringen geblazen. Dat ging Bram en Lars goed af, waardoor Bram halverwege de eerste ronde zelfs de mogelijkheid zag om te demarreren. Het razende peloton stond dat zo echter niet toe. Halverwege koers lukte het acht mannen wel om weg te komen. Helaas zonder een klasbak van RWC Ahoy. Omdat elke punt telt, streden Lars, Thijs en Bram desondanks vooraan mee voor de plekken erachter. Uiteindelijk werden de punten, ondanks enkele ontsnappingspogingen, toch verdeeld in een hectische eindsprint. RWC Ahoy uiteindelijk rond de 75ste plek. Tot aan het gedrang in de sprint goed voorin gezeten, maar helaas zonder punten aan de pasta.

Dag 2: Algehele malaise geeft motivatie!

Dit was de dag waarop er punten gepakt moesten worden, beginnend met een ploegentijdrit. “Een top-3 notering behoort tot de mogelijkheden”, aldus Lars voorafgaand aan deze discipline. Aan de voorbereiding zou het in ieder geval niet liggen. Ten minste… Dat was het idee. Met een strakke focus en een (over)gezonde dosis spanning stond RWC Ahoy om 12:38u aan de start. Tot op het bot gemotiveerd, Hier moest het gebeuren! 

5, 4, 3, 2, 1… Direct vol op de Poggio van Groot-Gelmen op. Met slechts 3 seconden onder de Strava KOM werd deze overwonnen. Op weg naar een top-5. Maar niets was minder waar; Met hartslag in het diepdonkerrood  ontspoorde het geoliede treintje in de afdaling.. De meer dan haakse bocht direct na de afzink werd met het snot voor de ogen ternauwernood bedwongen, maar resulteerde in het uiteenvallen van de trein. Wouter dichtte het gat, wat ervoor zorgde dat hij op de tweede klim moest lossen.Niet getreurd zou je denken, immers de tijd van de derde renner telt. Echter liep vervolgens de ketting van Thijs eraf, waarna Bram dankzij het Vlaamse wegdek lek reed. Gelukkig bereikte Thijs de surplacende Lars en Nick, waarnade uitgedunde trein alsnog knap naar een 15de (van de 36) tijd reed. De eerste punten in de pocket, maar hier had echt meer ingezeten! Op naar deel 2 van de dag. De individuele omniums.

De omniums: 5 x 35 Minuten vol voor elke punt!

Lang treuren had geen zin, want 2 uur na de ‘deceptie’ van de ploegentijdrit moest Thijs weeraan de bak: 9 Rondes van 2,2 kilometer, geen meter vlak, , bij een temperatuur  waar de mussen dood van het dak vielen en iedere renner zonder teamgenoten op zichzelf aangewezen was. Ondanks het verschroeiende tempo, was het een voor onze lichtgewicht prima handhaven in het peloton. Thijs sprokkelde iedere ronde voorin punten bij elkaar. Helaas kostte dit te veel energie om in de eindsprint nog een rol van betekenis te spelen.

Daarna was het aan manche 2, met Nick. Alhoewel hij, door een te vroeg startschot van de organisatie, later over de start rolde dan de andere 34 renners zag Nick kans om weer aan te haken. Nadat een kopgroep was vertrokken, trachtte Nick nog om ernaartoe te springen. Verder dan op een paar seconden chasse patatten achter de vluchters kwam hij niet, om vervolgens in de sprint te worden bijgehaald door een razend peloton met een 18e plek als gevolg.

Wouter stond verstandig vroegtijdig aan de start, waar hij constateerde dat hij o.a. tegen de klassementsleider en een Duits kampioen mocht strijden. Keer op keer ging het gas erop, waardoor het peloton met het tong op het stuur lag. Ondanks dat reed hij ijzersterk en attent van voren en zag hij kans om in de 7de ronde even vooruit het peloton te rijden. Terwijl het op de fiets niet was te zien, stierf Wouter daarna van binnen duizend doden, waardoor een goede eindsprint verloren ging. In ieder geval weer voldoende punten en mooie foto’s in de pocket.

Om 17:15 was het de beurt van Bram. Aan niets was te zien dat hij al allemachtig had afgezien die dag. Die Poggio na startfinish werd echter elke keer harder opgereden, waarna een kopgroep ontstond. Bram miste net de slag, maar zat ronde op ronde stijf van voren in het peloton, waardoor een mooie 11e klassering zijn verdienste was.

Als laatste mocht Lars de eer van Ahoy verdedigen, in een manche die grotendeels bestond uit in de top 20 geklasseerde renners. Dat was te merken aan het tempo, wat van start af aan zo smerig hoog lag dat het peloton al in de eerste ronde in stukken spetterde. Ondanks dat wist deze klasbak het echter te presteren om mee te zitten in de kopgroep. Na te zijn bijgehaald door het peloton positioneerde hij zich van voren om vervolgens net als Bram naar een 11e positie te sprinten.

Ondanks het ontsporen van de TTT trein was dag 2 een prachtige ervaring, wat in stijl werd afgesloten met een hoop gezelligheid, pasta en voor de echte mannen Thijs, Wouter en Lars met Limoncello. 

Dag 3: Tot het bot toe gemotiveerd

In deze omloop van 100km moest het gebeuren om alsnog een top-50 klassering te halen. De tactiek was simpel. Meezitten of anders Bram of Lars lanceren op de finish heuvelop. Al snel bleek dat deze ‘ simpel’  niet ‘gemakkelijk’ zou zijn, gegeven dat 180 man met 65 km/u over het Belgische asfalt, of het naastgelegen fietspad of berm, vlogen. Bram probeerde het wel, maar moest zijn vluchtpoging uiteindelijk bekopen met een DNF.. Nog vier Ahoyers in race.

Iedere ronde dunde het peloton op de finishklim aanmerkelijk uit, de deur stond achterin wagenwijd open. Echter voelden de benen van Wouter en Nick voelden goed en ook Lars gaf te kennen nog fris genoeg te zijn voor de finale. Thijs manoeuvreerde daarna zijn ploegmaten met speels gemak door het peloton naar voren. Alhoewel er al een kopgroep was gevlogen, was het met de pittige en smalle klim voor de meet nog steeds dringen geblazen om voorin te blijven en zo kans te maken op wat punten. Dankzij het beulwerk van Thijs lukte in de laatste ronde om de ploeg goed te positioneren voor het eindschot. Met nog een paar honderd meter te gaan werden Lars en Thijs echter omver gekegeld, waarna Thijs met een salto in een greppel landde. Omdat Wouter en Nick hier pal achter zaten waren alle kansen voor Ahoy verkeken. Geen top-50 notering, geen punten, maar godzijdank ook geen ernstige (lichamelijke) schade.

Haspengouw: Gaaf & leerzaam

Ondanks dat de ploeg haar ambities niet heeft waargemaakt, was het desalniettemin een enorm gave ervaring. Hard gereden, eigen grenzen opgezocht en gevonden, veel geleerd en bovenal ook genoten van de atmosfeer met een gezellige ploeg. Op naar volgend jaar… want met deze lessen moet er meer inzitten.

”Ride Like A Pro Challenge” bij RWC Ahoy

Door Lars Adriaansen

De Ride Like A Pro Challenge dus. Eens wat anders. Een koers van een uur waarbij als team gereden wordt, en waarbij dus geen individuele uitslag is. Er zijn twee tussensprints en één eindsprint waar punten liggen voor de eerste 10. Het team dat de meeste punten verzamelt wint, en na elke sprint wordt het peloton opnieuw gegroepeerd – dus eigenlijk drie koersjes van elk 20 minuten.

Enigszins sceptisch stappen Bram Boog, Nick Moerland, Wouter Kelderman, Teun Veken en Lars Adriaansen op de fiets om de groene kleuren te verdedigen op eigen terrein. Het duurt niet lang of het is vol aan de bak. De Mol heeft twee man mee in de ontspanning, en wij maar één. Dat kan niet, er naartoe! En zo gaat het maar door. Groepjes rijden weg, mensen maken de sprong, en alles komt weer terug. Een totaal andere dynamiek dan we gewend zijn, en mega intensief. Er wordt niet naar elkaar gekeken. Elke ploeg kent zijn tactiek, en hoeft niet na te denken om deze uit te voeren. Het is mee zitten óf achtervolgen. Maar rijden moet je sowieso!

In de laatste rondes valt het peloton als los zand uit elkaar. Iedereen heeft aangevallen, gaten dichtgereden of gesprint – we zitten allemaal steenkapot. Nog één laatste keer wordt er afgesprint waarbij De Mol – het moet gezegd worden – terecht wint. Zij hadden de sterkste ploeg. RWC Ahoy wordt voldaan tweede, we hebben het maximale eruit gehaald. Dat was toch wel erg leuk!

Rotterdams Kampioenschap: het was koers!

Het was een heerlijke lentedag. Wel wat winderig, maar het zonnetje was aanzienlijk minder waterig dan de verregende voorbije weken. Met een graad of 14 gingen zelfs de mouwstukken gedurende de koers uit. Perfecte weersomstandigheden voor een kampioenschap!

B-klasse

Om 11:00 uur gingen de B-klasse en D(ames)-klasse van start. Een rijk gevuld peloton maakte zich eigendom van ons 1550 meter lange parcours. Een mooi tafereel voor het aanwezige publiek. De zon weerkaatste op de glimmende fietsen, helmen, schoenen, brillen en benen van de renners. Het gemoedelijke geluid van een in vaart voorbijsnellend peloton was iedere 2 minuten te aanschouwen voor het publiek dat onder het genot van een drankje toekeek.

Vergezeld door één van de eerste echte lente-zonnestralen alsook een straf windje, gingen 78 renners in de B-klasse van start aan het Rotterdams Kampioenschap. RWC Ahoy was erg goed vertegenwoordigd, dus dat gaf hoop op een groen-wit podium. Alhoewel de groen-witte klasbakken uit de sport- en funklasse met goede hoop van start gingen, konden het peloton alsmede RWC Ahoy zich helaas niet organiseren om de 2 vroege koplopers terug te halen. Ondanks diverse pogingen om er alsnog een snok aan te geven. Ook de poging van Jacco Vermeer en Arno Niewold mocht niet baten. Alhoewel deze poging hoopgevend leek, was het peloton toch onverbiddelijk. Waar Kasper Schotte de overwinning pakte en Edward Sol tweede werd, sprintte Arjen Hoogenboom in het peloton naar de 3de plaats. Geen groen-wit podium, maar wat stof tot nadenken wat betreft de RWC Ahoy ‘teamstrategie’. Desalniettemin… het mocht uiteindelijk de sportpret niet drukken! Gaaf om zoveel groen-wit te zien tijdens het Rotterdams Kampioenschap!

D-klasse

In de damescategorie ging Inge Mostert er met het eremetaal vandoor. Ze reed een tactische slimme koers en beschikte aan het eind van de rit over de beste benen.

A-klasse

Vanaf 12:30 uur was het de beurt aan de A-klasse met hierin een groot aantal elite, belofte, junioren en amateur-renners. Door de wind was het lang een ”jojo-koers”. Hollen en stilstaan. Soms volledig stilvallen. Nadat dit koersverloop al menig renner parten begon te spelen ontstond er een kopgroep van 3 man met Erik de Niet (Mooi Jong), Peter Fils (Spartaan) en Bram Boog (RWC Ahoy). Laatstgenoemde liet zien een grote stap te hebben gezet ten opzichte van verleden jaar door vanaf de start voorin mee te koersen tussen de sterkste renners in koers. Edo Maas zag het gevaar en waagde, na het al eens geprobeerd te hebben, een poging bij het drietal te geraken. Paul Bakker reed op zijn beurt naar Maas toe. In het peloton reden Alastair Carr en Ruben Hoogland in één ruk naar de kop, waarna de kopgroep een 7-tal renners telde. Na deze ”reformatie” werd er direct samengewerkt om de voorsprong uit te bouwen. Het verschil werd al snel uitgebouwd tot een goede minuut.

Het werd al snel duidelijk dat de sterkste renners in de kopgroep reden en dat de podiumplekken ten prooi zouden vallen aan de kopgroep van zeven. Tot het ingaan van de laatste 2 ronden werd er nauw samengewerkt. Erik de Niet waagde een poging maar werd direct gepareerd. Nadat De Niet het nog een keer probeerde en wederom gepareerd werd had niemand meer zin om weg te rijden. Hoogland rekende zich rijk met de wetenschap over de rapste sprint te beschikken. Bij het ingaan van de laatste bocht zette Hoogland zich aan kop, om deze vervolgens niet meer af te geven en naar de titel te sprinten. Edo Maas werd tweede, gevolgd door Peter Fils.

Klik hier voor de volledige uitslag. 

Amateurs: Ronde van Oud-Vossemeer

Na een week in lenteachtige omstandigheden sloeg het weer net voor het weekend om naar een kortstondige herfstperiode. In het Zeeuwse Oud-Vossemeer stonden een aantal RWC Ahoy-renners aan de start. Om 10.00 uur werd de koers aangetrapt voor een zware editie in Oud-Vossemeer. Bij de start was het droog, maar er stond een krachtige wind.

Voor veel renners was het de eerste koers van het seizoen. In combinatie met een nog nat wegdek zorgde dit voor een zenuwachtig begin. Hoewel de bochten niet roekeloos werden genomen, was duidelijk dat niet iedere renner zonder angst op de fiets zat.

Vanaf meet af aan was het dan ook koers! De wind speelde het peloton met name parten op de dijk, waar het in principe ieder jaar feest is. Er stond weer een sterk deelnemersveld aan de start. Het was dan ook niet verwonderlijk dat het peloton al in de tweede of derde ronde in stukken brak. Bram Boog was het eerste slachtoffer en kwam nooit echt in de wedstrijd. Vervolgens werd de koers een verhaal van ‘de tien kleine negertjes’. Nico belandde in de volgende ‘mongolenwaaier’, waar uiteindelijk met een man of tien werd doorgereden. Daarvoor was het de beurt aan Joram Grootveld en Lars Adriaansen. Ook zij kwamen uiteindelijk niet in de definitieve uitslag, wat alleen Teun Veken lukte. Na ruim een uur koers werden de gedubbelde renners uit koers gehaald, maar zij werden niet in de uitslag opgenomen.

Voor Teun was het ook afzien. Afgelopen seizoen zat hij nog in de kopgroep van zes renners, maar dit jaar moest hij zijn meerdere erkennen in andere sterke mannen in het peloton. En dat nog wel voor de koers die hij met hoofdletters in de agenda had gezet. “Ik had vandaag niet de benen,” aldus Teun. Vooraan werd doorgereden door drie renners: Bram Mens, Jacob Wijnstra en Stefan Laurijssen maakten de koers en bleven uiteindelijk weg. Wijnstra pakte steeds de punten voor de leidersprijs en in de laatste ronde wiste Bram Mens de sprint te winnen van Laurijssen.

Geslaagd trainingsweekend in Almelo

Afgelopen vrijdag verzamelden zich liefst 20 renners uit verschillende wedstrijdcategorieën van RWC Ahoy voor een trainingsweekend in het Twentse Almelo. Op initiatief van Bram Boog en Casper Veltenaar werd een hotel geregeld in hartje Almelo en samen met Douwe van der Hoeven en Wouter Kelderman werden twee mooie routes uitgestippeld.

Het was niet te missen dat de winter het oosten wat meer parten had gespeeld dan in regio Rotterdam. Hoewel de wegen over het algemeen goed schoon waren, lag er vrijwel overal nog sneeuw van een week eerder. Zaterdagochtend werd na een half uurtje ‘core stability’ en een uitgebreid ontbijt afgetrapt voor de eerste rit: 110 kilometer langs de Duitse grens en rond Enschede. In De Lutte werd gestopt voor een goed verzorgde lunch, waar we ook Kuno Bakker weer mochten begroeten, die drie kwartier eerder achteruit de groep demarreerde.

‘s Avonds werd net als vrijdagavond gegeten in de bar van het hotel. De bediening was uiterst vriendelijk, maar wist zich niet altijd raad met die gekke wielrenner getuige uitspraken als: “Nu brengen jullie mijn hoofd in de war”. Daarna was het de beurt aan schoolmeesters Bram en Teun Veken (beter bekend als Toon Vreken) voor de invulling van de bonte avond. Een wielerquiz bestaande uit 50 uiteenlopende vragen zorgde voor het nodige vermaak, met als winnaars Kuno Bakker en Martijn Anhalt.

Op zondag stond wederom eerst core stability op het programma voor het ontbijt. William van Aalst, Jeffrey van Gemert en Pieter Luycks besloten de tocht aan zich voorbij te laten gaan voor wat welverdiende rust en dus vertrokken er 17  man in de vrieskou richting de Sallandse heuvelrug. Prachtige landschappen voerden ons ditmaal in westelijke richting van Almelo. Drie lekke banden verder werd gepauzeerd in Hellendoorn. Na een koude herstart werd koers gezet richting de Holterberg. Daarna was het nog slechts uitbollen richting het hotel, waar Bouwe Boonstra in de eindsprint nog bijna werd gevloerd door twee loslopende honden. Wat zaterdag in de ‘finale’ niet helemaal lukte, bleek zondag geen probleem: onder het mom ‘samen uit, samen thuis’, rolde de groep gezamenlijk Almelo weer binnen.

Al met al een zeer geslaagd weekend met een substantiële hoeveelheid trainingskilometers. Op naar seizoen 2017!